Nieuws

Flora & Fauna

Hambaken

Wat betekent FLORA ...?

 

Flora of plantenleven,  
is de wereld van planten
en bloemen in onze natuur.

 
Wat betekent FAUNA ... ?
 
Fauna of dierenleven, hiermee wordt het dierlijk leven bedoeld, dus het dierenrijk zogezegd.
Op deze pagina proberen we de FLORA & FAUNA van de wijk Hambaken zo goed mogelijk in beeld te brengen.
Indien u een apart wild plantje, of een vogelsoort ziet en het staat nog niet in de lijst aangegeven, meldt u dit dan aub.        

Zie contact.

Uiteraard zal menige plant en/of vogel nog niet zijn genoemd,
maar we hopen hierbij ook op uw hulp!!!

Er zijn op Internet genoeg sites om na te kijken wat u heeft gezien/gevonden.

Eend met jonkies bij de dreef Klokkenlaan

Knolboterbloem 13-05-2008
Digi register
Home
Activiteiten
De wijk
Foto's  
Instanties
Links
Nieuws
Sporten
Video's
Gastenboek
Contact
Fauna Insecten Kikkers en padden Vlinders Vogels
Flora Mossen Paddenstoelen Wilde planten  
Foto's / Video's Dieren in de wijk Vogels in de tuin Video's - Vogels  

FAUNA

Fauna - Insecten
Hommel
 
Lieveheersbeestje
 
Libel
 
Parasolmieren
 
Mierenhoop in het bos
 
Steekmug
 
Sikkelsprinkhaan-Phaneroptera_falcata
 
Vleesvlieg
 
Koningin van de gewone wesp
 
De Insecten foto's zijn afkomstig van
http://nl.wikipedia.org
---~---
Dierenrijk: Insecten
Hommel, is een insect uit het geslacht Bombus. Er zijn ongeveer 400 soorten hommels, waarvan een aantal soorten voorkomt in Nederland en België. Hommels zijn aangepast om te overleven in een wat kouder klimaat. Het lichaam is voor een insect relatief groot en is zowel lang- als dichtbehaard, waardoor de warmte goed wordt vastgehouden. Een hommel heeft een groot lichaam maar relatief kleine vleugeltjes. Een hommel lijkt anatomisch veel op een bij maar heeft meer beharing en wordt een stuk groter. In tegenstelling tot de bij heeft de hommel ook stevige kaken; deze worden alleen gebruikt om bloemen stuk te knippen om bij de nectar te komen.
De mannetjes verschillen van de vrouwtjeshommels in verschillende opzichten: ze zijn kleiner, hebben langere antennes (13 geledingen i.p.v. 12) en zien er wat pluiziger uit. Ook hebben mannetjes geen angel en geen stuifmeelkorfjes. Bij de werksters is de legbuis omgevormd tot een angel. Alleen vrouwtjes kunnen steken, zowel werksters als koninginnen.
 
Lieveheersbeestje, ook wel Oliebeestje, Stippelbeestje, Zonnekoekje genoemd, is lid van de tot de kevers behorende familie Coccinellidae. Ze zijn gekenmerkt door een ronde, zelfs vaak halfbolvormige vorm met korte pootjes die net als de kleine antennen onder het dek- en nekschild kunnen worden teruggetrokken. Ze hebben vaak rode, gele, witte en zwarte kleuren en zijn vaak gestippeld. De meeste lieveheersbeestjes leven ongeveer een jaar. Het aantal stippen zegt dus niets over de leeftijd.
 
Libel, (Odonata) is een insectenorde die wereldwijd voorkomt met ongeveer 5700 beschreven soorten, merendeels in warmere gebieden. In Nederland zijn 71 soorten aangetroffen.
Kenmerken van libellen: twee paar vleugels, die stevig, rijk geaderd en niet opvouwbaar zijn, de vleugels zijn niet met elkaar verbonden; kleine voelsprieten, die nauwelijks opvallen; een lang en meestal slank achterlijf; grote facetogen op een beweeglijke kop; het borststuk is schuin gericht en de poten zijn naar voren geplaatst, waardoor ze geschikter zijn om prooi in de vlucht te vangen en vervolgens in de mond te stoppen. Bij koudere omstandigheden vindt bij sommige soorten een verkleuring plaats van blauw naar bruin, waardoor de libel beter warmte opvangt.
 
Mier, is een insect van de orde van vliesvleugeligen (Hymenoptera). Geschat wordt dat de totale biomassa van mieren groter is dan die van alle andere dierensoorten op aarde. Omdat mieren overal ter wereld voorkomen (behalve Antarctica), zijn ze één van de succesvolste diergroepen. Vele mierensoorten bouwen het nest in de bodem of in holle bomen. Een mierenkolonie bestaat uit één (of enkele) koningin(nen), werksters (ook allemaal vrouwtjes) en soms jonge mannetjes en maagdelijke koninginnen. De grootste groep zijn de werksters, die samen de werktaken verdelen. Een mier heeft, net als de meeste andere insecten, voelsprieten op haar kop, wat haar voornaamste zintuig is en waarmee ze kan ruiken en voelen. De meeste mierensoorten hebben ogen, maar in het donkere nest zijn deze niet erg nuttig.
 
Mug, is een vliegend insect uit de orde tweevleugeligen en de onderorde muggen (Nematocera. Sommige soorten lijken echter meer op een vlieg, een spin of een vlinder dan op een mug. Alle muggen hebben een zuigsnuit, maar verreweg de meeste soorten kunnen daar niet mee bijten. Ze leven van plantensappen als nectar en zijn vrij onopvallende insecten. Steekmuggen of muskieten zijn de bekendste muggen en zijn in beginsel onschuldige insecten die leven van nectar. Toch staan ze voor de mens bekend als vervelende wezens omdat ze onder andere menselijk bloed zuigen, althans de vrouwtjes tijdens de aanmaak van de eitjes. Bij de mens resulteert dat meestal in een rode jeukende bult.
 
Sprinkhaan, de sikkelsprinkhaan (Phaneroptera falcata) is een insect uit de sprinkhanenfamilie Tettigoniidae.
Aan de grasgroene kleur herkent men dit soort. De vleugels steken zeer ver uit; ze zijn bijna twee keer zo lang als het lichaam. Een ander typisch kenmerk zijn de rode ogen die sterk afsteken tegen de groene basiskleur. De lichaamslengte is ongeveer 2 centimeter maar door de vleugels en voelsprieten, die bijna zo lang zijn als het lijf, doet het insect groter aan.
 
Vlieg, een vlieg behoort tot de orde tweevleugeligen of Diptera. Er zijn ..tig soorten vliegen, bijvoorbeeld: bromvliegen, dansvliegen, dazen, horzels, huisvliegen, vleesvliegen, etc. De tweevleugeligen vormen een van de meest succesvolle orden van de insecten; het aantal beschreven soorten bedraagt ongeveer 160.000. Ze zijn vaak zeer goede vliegers met een korte generatietijd en dus een razendsnelle voortplanting onder de juiste omstandigheden. Diptera hebben een volledige gedaanteverwisseling: de larve die uit het ei komt is vaak pootloos en wormachtig. Vliegenlarven heten maden.
 
Wesp, een wesp valt onder de orde vliesvleugeligen (Hymenoptera). Er zijn veel verschillende soorten wespen; papierwespen spelen een rol bij de bestuiving van bloemen en het verdelgen van insecten; sluipwespen bij de biologische bestrijding van plaaginsecten en galwespen zorgen voor meestal bolvormige vergroeiingen aan bladeren. De bekendste familie van wespen zijn de plooivleugelwespen of Vespidae, vanwege de opvallende kleuren en grootte, de behoefte aan zoetigheid ('limonadewespen') en met name de steek. Wespen zijn belangrijke insectenbestrijders.
 
Kijk voor meer informatie op de site: www.wikipedia.nl

~---- TOP ----~

Dierenrijk: Kikkers en padden (Amfibieën)                                                              Datum 16-05-2010
Padden hebben over het algemeen een droge wrattige huid en kikkers een gladde vochtige huid.
Kikkers en padden vallen onder de orde Anura van de klasse amfibieën.
Anura betekent letterlijk zonder staart en dit is het grootste verschil met alle andere amfibieën. Kikkers en padden ontwikkelen wel een staart maar deze verdwijnt tijdens de metamorfose.
Amfibieën zijn koudbloedige dieren die een deel van hun bestaan in het water en een deel op het land doorbrengen.
De Gewone pad (Bufo-bufo) komt het meest voor in Nederland. Padden houden zich overdag schuil onder stenen, houtstronken of struiken. Pas tegen de schemer worden ze actief. Zoals bijna alle padden kruipt de gewone pad en maakt hij kleine hupjes. Alleen voor de voortplanting is oppervlaktewater nodig. De eieren worden in tegenstelling tot veel andere kikvorsachtigen niet in klompen maar in strengen afgezet. De gewone pad heeft een opvallend gedrongen lichaam, de kop is groot en breed en heeft twee duidelijk zichtbare ogen met een oranjerode tot goudbronzen kleur. Het vrouwtje wordt aanzienlijk groter dan het mannetje. De belangrijkste kenmerken zijn de uniforme kleur, wrattige huid, oranjebruine iris en horizontale pupil.

~---- TOP ----~

Fauna - Kikkers
Gewone pad (Bufo-bufo)
---~---
Dierenrijk: Vlinders                                                                                                        Datum 02-10-2011
Atalanta De atalanta is een opvallende trekvlinder met een spanwijdte van 5-6 centimeter, een zwarte vlinder met twee rode banen op zijn vleugels en bovenaan wat witte vlekken. De eitjes worden een voor een op de brandnetel afgezet. De rups is 35 tot 40 mm lang, en de kleur van exemplaren onderling varieert sterk. De grondkleur is geelachtig grijs tot zwart met op de zijkanten geelwitte vlekken. De rups vouwt de bladtoppen met spinseldraden naar elkaar toe. De pop is grijs of bruin met op de rugzijde blauwglanzende vlekken. Leefgebied overal, tot meer dan 2000 meter hoogte in de Alpen. Ze overwinteren in Zuid-Europa en in het voorjaar trekken ze naar het noorden.
 
Boomblauwtje (Celastrina argiolus) is een dagvlinder. De spanwijdte van de vlinder bedraag tussen de 26 en 32 millimeter. De vleugels van mannetjes zijn aan de bovenzijde geheel blauw terwijl de vrouwtjes een brede zwarte band langs de vleugels hebben. De vlinder is te herkennen aan de zilverwitte tot lichtblauwe onderzijde van de vleugel waarop zwarte stippen te zien zijn. Het boomblauwtje heeft een voorkeur voor bosachtige gebieden als leefomgeving. De soort komt algemeen voor in Nederland. Ze eten klimop, hulst, struikhei, vuilboom, kornoelje en kardinaalsmuts.
 
Citroentje of de citroenvlinder (Gonepteryx rhamni) is een dagvlinder. De spanwijdte is tot 55 millimeter, de mannetjes zijn meer geel, de vrouwtjes meer groen van kleur maar dit is in het veld niet altijd even eenvoudig te zien. Ze vallen zowel in vlucht als bij bezoek aan bloemen goed op. De vrouwtjes zijn ook veel bleker van kleur en worden soms verward met de witjes. Beide seksen zijn te herkennen aan een oranje stip op iedere vleugelpunt.
De vlinders eten voor de paring de waardplanten op. De enige twee soorten waarvan de rupsen kunnen leven zijn sporkehout en wegedoorn, die in en rond bossen en houtwallen groeien. Rond de paartijd kunnen de vlinders hier massaal worden aangetroffen.
 
Dagpauwoog (Inachis io) is een dagvlinder en een van de bekendste en geliefdste vlinders door zijn grootte, afstekende kleuren en oogvlekken, gracieuze vlucht en vrij algemene voorkomen. De rupsen eten van planten die in grote delen van de wereld voorkomen, zoals hop maar vooral brandnetel.
De dagpauwoog heeft een spanwijdte van 50 tot 60 millimeter en vier vleugels, waarvan de onderzijde donkerbruin tot zwart gekleurd is met soms een lichtere grillige lijnentekening. De bovenzijde van de vleugels is oranjerood, met smalle donkerbruine vleugelranden. De bovenste vleugelrand is zwart met van de basis tot het midden een smalle strook witte strepen die doen denken aan een zebra-motief. Zowel de bovenste als de onderste vleugel heeft in de bovenste buitenhoek een grote oogvlek die bestaat uit witte, blauwe en paarse kleuren op een zwarte achtergrond.
 
Zie voor meer informatie op de site: www.wikipedia.nl

~---- TOP ----~

Fauna - Vlinders
Atalanta
 
Boomblauwtje - vrouwelijk
 
Citroentje
 
Dagpauwoog op de vlinderstruik
Enkele foto's: Vlinders zijn afkomstig van
http://nl.wikipedia.org
---~---
Dierenrijk: Vogels
De Ekster is een mooie vogel met een zwart/wit blauw vederkleed. Komt overal voor in open en halfopen landschap met dicht struweel of hoge bomen. Het zijn nestplunderaars en vogelmoordenaars.
 
De Brandgans (Branta leucopsis) is zwart-wit van kleur. De wangen zijn wit; de snavel, de poten en de hals zijn zwart. Deze gans komt veel voor in Friesland en Zeeland, in de buurt van zoet water. Trekkende brandganzen zijn te herkennen aan hun blaffende roep. Ze zijn de hele winter in Nederland te zien.
Hun voedsel bestaat hoofdzakelijk uit gras, maar ook nuttigen ze diverse mossoorten en ander groen. Ook eten ze naast gras en zeegras ook veel zaden en dit is zeer ongewoon bij ganzen. Het zoeken naar voedsel vindt doorgaans plaats bij daglicht, en ze begeven zich bij de dageraad en tegen het vallen van de avond naar veilige gelegen rustplaatsen, bij volle maanlicht kunnen ze het voedsel zoeken de hele nacht voortzetten.
 
De Gans Canadese is een vreemde eend in de bijt. Deze forse ganzensoort komt oorspronkelijk uit - jawel - Noord-Amerika: Alaska, Canada en de noordelijke overige staten van de VS. Echte wilde canadese ganzen zijn zeer zeldzaam, maar daar staat tegenover dat deze gemakkelijk herkenbare soort veelvuldig in Nederland voorkomt: het zijn allen afstammelingen van vogels die voor de jacht zijn uitgezet, aangevuld met siervogels uit parken.
 
De Gans Grauwe is de grootste bij ons voorkomende gans. Uiterlijk lijkt deze gans wel wat op de Kolgans, maar die heeft een duidelijke witte bles en zwarte strepen over de borst/buik. De Grauwe Gans heeft dat allemaal niet. Tegenwoordig zijn Grauwe Ganzen in ons land in zeer veel gebieden als broedvogel waar te nemen op plaatsen waar maar een geschikte biotoop voor hen aanwezig is.
 
De Houtduif (Columba palumbus) kan bijna overal worden waargenomen: in tuinen, parken en in het buitengebied en is in België en Nederland de grootste duivensoort. Ze bouwen slordige nesten van takken en het is geen uitzondering dat een ei na het leggen meteen door de losjes gegroepeerde takken op de grond valt. Houtduiven zoeken hun voedsel in een veelheid aan biotopen, van stedelijke gebieden, waar ze leven van wat in tuinen en parken te vinden is, tot op de bosbodem, zoals zaden: oogstresten, zaden van wilde planten, gevallen bessen en ander beschikbaar voedsel. De houtduif is de grootste duif. Hij heeft een grijspaarse kop, grijze boven delen en grijsroze borst. Opvallend is de grote witte vlek op zijhals en in de vlucht de brede witte baan op de bovenvleugel, die goed zichtbaar zijn tijdens de vlucht. Zwarte armpennen en een brede zwarte eindband op de staart.
 
De Huismus is de staatjongen onder de vogels. Er zijn twee soorten mussen in Nederland en de Huismus is van beide soorten de meest talrijke, de andere soort is de Ringmus. De Huismus heeft een grijze kruin, de Ringmus een bruine. Daarnaast heeft de Ringmus een duidelijke witte ring om de hals.
Mussen zijn bruinachtige vogels met een vrij dikke snavel, een aanpassing aan het eten van zaden.
Biotoop:
dorpen, steden, maar ook platteland. Foto's huismus mannetje & vrouwtje hiernaast!
 
Een Kievit is in de lucht een ware stuntvlieger, die behendig in bochtige vluchten over hun territorium vliegt en daarbij regelmatig buitelingen maakt en zelfs over de kop gaat. De meest acrobatische mannetjes blijken voor de vrouwtjes het aantrekkelijkst. Het komt bij Kieviten regelmatig voor dat een mannetje twee of meer vrouwtjes heeft. Kieviten zijn voor hun voedsel geheel afhankelijk van de bereikbaarheid van bodemdieren. Hoewel de Kievit vaak als typische weidevogel wordt genoemd, voelt de soort zich toch ook heel goed thuis op akkerlandpercelen.
 
De Kleine mantelmeeuw (Larus fuscus) broedt in kolonies langs de kust en in veel landen in toenemende mate op daken in steden. Zijn nest is een nestkuil op de grond, meestal gemaakt van losgetrokken gras, waarin twee of drie eieren worden gelegd. De kleine mantelmeeuw leeft vooral van (zee-)vis, en zwemkrabben, maar ook op het land wordt veel gefoerageerd (zoogdieren, insecten, in mindere mate ook afval).
Hij heeft een leigrijze mantel, in tegenstelling tot de zilvermeeuw die lichtgrijs is. Verder heeft hij gele poten, in tegenstelling tot grote mantelmeeuw die roze poten heeft.
Ooit was het een zomergast maar de vogel wordt tegenwoordig ook 's winters in kleine aantallen waargenomen.
 
De Koolmees is onmiskenbaar door zijn zwarte kop met witte wangen, zijn gele buik waar parmantig een zwarte stropdas over hangt. Die stropdas is bij het mannetje veel breder dan bij het vrouwtje. De koolmees (Parus major) is een zangvogel uit de familie van echte mezen (Paridae). Volwassen koolmezen zijn circa 14 centimeter groot, hebben een spanwijdte van 22,5-25,5 centimeter en gewicht van ongeveer 20 gram. De roep van de koolmees klinkt als péh-puuh wat vergelijkbaar is met de sirene van een politieauto. De zang is een hoog si si sirrr en lijkt iets zachter dan die van de pimpelmees. De vlucht van de koolmees is meestal gelijk aan die van andere mezen. In grote bogen vliegt de koolmees door de lucht, afwisselend wordt met de vleugels geslagen en gezweefd.

Zie video: Koolmezen & pimpelmezen in bad

 
Een Kraai hoort tot de intelligentste vogels; sommige soorten vormen grote kolonies met een complexe sociale structuur. Kraaien zijn groter dan kauwen en in tegenstelling tot de laatste helemaal zwart, vaak met een wat groenige glans over de veren.De biotoop is een open landschap met bomen. Ze hebben een donker )zwart vederkleed en maken krassende geluiden.
 
De Lijster (Turdidae) is van een grote familie van meestal middelgrote zangvogels met goed ontwikkelde zang. Er zijn 183 soorten. Het juveniele kleed is meestal gevlekt. Bij sommige soorten zijn vrouwtje en mannetje gelijk gekleurd. Deze groep wordt ook wel de echte lijsters genoemd omdat vroeger bij deze familie een grote groep kleine zangvogels behoorde die ook wel de kleine lijsterachtigen werd genoemd.
 
De Meerkoet is half zo groot als een Wilde Eend. Meerkoet en Waterhoen worden nogal eens met elkaar verward. Dat is niet nodig want er bestaat een hemelsbreed verschil tussen deze beide vogelsoorten. Meerkoeten hebben een hagelwitte snavel en ook een wit voorhoofd. Bovendien zijn ze verder geheel gitzwart en zijn echte duikers in tegenstelling tot het Waterhoen dat alleen onderduikt als het aan groot gevaar tracht te ontsnappen. De Meerkoet zoekt ook duikend naar voedsel (waterplanten). Moerassen, plassen en meren, maar ook in parken, grachten, sloten en vaarten is zijn biotoop.
 
De Merel is een vogel uit de familie Lijsters, hij valt onder de zangvogels. Een mannetjesmerel is een middelgrote zangvogel, zijn hele lijf is egaal zwart met een oranje, spitse snavel. Een vrouwtjesmerel heeft een aardbruin tot licht roodbruin lijf en is dus lichter dan het mannetje, maar donkerder dan alle andere lijsters. Haar snavel is bruingeel gekleurd. Zij heeft donkere strepen op de keel en een gespikkelde of donker gevlekte onderzijde, een onduidelijk patroon.

Zie video: Merel in bad & Merel voert jonkie

 
De Pimpelmees (Cyanistes caeruleus, vroeger Parus caeruleus) is een mees die in vrijwel heel Europa voorkomt en regelmatig te zien is. Pimpelmezen zijn veel te zien in bossen, tuinen en struelen. Pimpelmezen zijn slimme, behendige vogels die graag afkomen op in de tuin opgehangen voedsel. Volwassen pimpelmezen zijn circa 12 centimeter groot met een spanwijdte van 17-20 centimeter en een gewicht van ongeveer 12-15 gram, dit is kleiner dan de koolmees. De pimpelmees heeft een vrij onmiskenbaar verenpak met zijn kobaltblauwe kruin, staart en vleugels die prachtig afsteken tegen het geel van zijn onderkant. Het verschil tussen mannetje en vrouwtje is vrijwel niet waar te nemen.

Zie video: Koolmezen & pimpelmezen in bad

 

De (Blauwe) Reiger verschilt van andere reigers door zijn grote formaat, grijze bovendelen, witte kop en nek, zwarte band van losse veren vanaf oog en eindigend in een puntige kuif. Onderdelen grijzig wit met wat zwart op borst en flanken. Grote gele snavel, poten bruinachtig; snavel en poten in broedtijd roze. Juveniel met egaler grijs verenkleed en geen zwart op de kop. Staat vaak bewegingloos in water of langs waterkant, met gestrekte of ingetrokken nek

Zie video: Reiger op het dak
 
Een Roodborst is even groot als een mus, maar heeft een heel mooi roodoranje gekleurd befje en de staart is roodbruin. Hij huist veel in loofbossen, maar ook in parken en landgoederen. Het roodborstje (Erithacus rubecula) is een zangvogel uit de familie Muscicapidae (vliegenvangers). Hij waagt zich dicht bij huizen, vooral 's winters..

Zie video: Roodborstje

 
De Scholekster leeft vooral van schelpdieren en wormen. In het binnenland op de graslanden worden wormen gegeten, aan zee veelal mosselen en schelpdieren. Scholeksters specialiseren zich op een bepaalde voedselsoort. De scholekster (Haematopus ostralegus) is een vrij stevig gebouwde, zwart-witte steltloper.
 
Een Spreeuw leeft overal waar geschikte holtes aanwezig zijn, zowel in oud loofbos als in steden. De spreeuw is een holenbroeder en zoekt dan ook geschikte holle bomen, schoorsteenpijpen, dakpannen, lege blikjes. De spreeuwenman begint hoog op de feministische meetlat: in maart begint hij zelf met de grote schoonmaak van oude nesten. Ook de záng van de spreeuw mag er wezen.
 
Het geluid van de Turkse Tortel lijkt wat op dat van de Houtduif. De Turkse Tortel zegt echter: "Ik-groet-u" en de Houtduif zegt: "Ik-groet-u-zoet-lief". Een kleine vale duif met een zwart halsbandje als enige versiering.   De Turkse Tortel verdedigd fel zijn territorium. Soms ook tegen Kauwtjes, waar het kennelijk geen enkele vrees voor heeft.
 
De Vlaamse gaai (Garrulus glandarius) behoort onder de kraaiachtigen. Deze vogel komt voor in het cultuurland en de bossen. De gaai maakt een luid geschreeuw (niet te verwarren met het geluid van andere vogels) waardoor ze de dieren in het bos waarschuwen als er gevaar in aantocht is.
Rug, buik en borst zijn rozebruin, stuit helder wit, baardstreep zwart en de bekende vleugeldekveertjes lichtblauw met fijne dwarstreepjes. De gevlekte kuif die hij bij irritatie tot een wilde pruik kan opzetten, geeft hem een indrukwekkend uiterlijk. Hij eet eikels, beukenootjes en verstopt deze ook voor de wintervoorraad.
 
De Waterhoen (Gallinula chloropus) heeft een verenkleed dat bruinzwart van kleur is, over de flanken loopt een onregelmatige streep, de snavel is rood met een gele punt, die overgaat in een rode voorhoofdsplaat en de onderstaartdekveren zijn wit. De tenen zijn gelobt en geelgroen van kleur. Het is een onopvallende, maar toch goed herkenbare vogel die eigenlijk alleen met de meerkoet verward kan worden. De snavel en de voorhoofdsplaat van de waterhoen zijn echter rood in plaats van wit van kleur. Ook loopt bij het waterhoen een onderbroken, witte streep over de flanken en heeft de vogel witte veren onder de staart. Het is een schuwe watervogel, tijdens het zwemmen beweegt de vogel de kop met forse rukken naar voren en naar achteren, terwijl de staart omhoog gehouden wordt zodat de witte staartveren zichtbaar zijn. Het voedsel bestaat zowel uit plantendelen als verschillende insecten en weekdieren, hij zoekt langs de oevers van het water en loopt daarbij ook over het land.
 
De Wilde Eend (Anas platyrhynchos) komt voor in moerassen, meren, sloten in akkers en weilanden en in steden. De wilde eend wordt volgens de Jachtwet gerekend tot het waterwild. Het is de meest voorkomende eend. De lengte bedraagt 51 tot 62 cm en de spanwijdte 91 tot 98 cm. Het mannetje (de woerd) is kleurrijk met een glanzend groene kop, een witte halsband, een kastanjebruine borst en gekrulde zwarte veren aan de staart. Het donkerbruine vrouwtje en de eendenkuikens (pullen) hebben een schutkleur.

Zie video: Wilde eenden

 
De Winterkoning is veel kleiner dan een mus, maar een centimeter groter dan het kleinste vogeltje in Nederland: de Goudhaan. De Winterkoning heeft staartveren die altijd parmantig rechtop staan. Een heel helder geluid komt uit de Winterkoning.
 
De IJsvogel is een kleurrijke vogel met blauw oranje kleuren, die in de broedtijd te zien is langs beken en rivieren met zoet, stromend water. In mindere mate wordt ook bij stilstaande, visrijke wateren gebroed. Ze eten kleine visjes, waterinsekten en dergelijke.
In zomer 2006 bij ons ... in de achtertuin waar genomen!!!
 
De Zilvermeeuw is een grote forse, de naam zegt het al, zilverkleurige meeuw. De Zilvermeeuw vestigt zich steeds meer in de stedelijke gebieden en in het westen van Nederland broedden tegenwoordig honderden Zilvermeeuwen op gebouwen. Als roofdier van eieren en jongen van Eidereenden, meeuwen, sterns en steltlopers heeft de Zilvermeeuw een geduchte reputatie opgebouwd.
 
De Zwartkop (Sylvia atricapilla) is een zangvogel van ca. 14 cm. groot. Het mannetje is goed te herkennen aan de zwarte kruin, het vrouwtje heeft een bruine kruin. Het verenkleed verder grijs op gezicht en nek, bruiniger op bovendelen, onderdelen en staart en het onderlijfje is grijswit. Geen wit in staart. Zwartkoppen komen voor in parken en bossen met dicht kreupelhout. Het is een echte struikbewoner. Ze overwinteren in gebieden rondom de Middellandse zee, maar blijven tijdens de kouperiode ook steeds vaker in Nederland.

Zie video: Zwartkop

 

De Wilde Zwaan maakt met zijn lange luchtzak aan de luchtpijp een diep trompetachtig geluid. Wilde zwanen zijn schuwer en geven de voorkeur aan een rustige nestelgelegenheid. Ze zijn luidruchtig en ze houden tijdens de vlucht voortdurend contact door een luid nasaal, trompetterend geluid te laten horen. De Wilde Zwaan is hier uitsluitend wintergast en doortrekker.
Kijk voor meer informatie op de site:
www.ivnvechtplassen.org/ivn_vogels.

Foto's van: www.vogelbescherming.nl
                          www.ivnvechtplassen.org of gemaakt door Dhr. Bavius, of anders vermeld bij de foto.

~---- TOP ----~

Fauna - Vogels

Ekster (Pica-Pica)

Brandgans (Branta leucopsis)

Canadese Gans bij de grote dreef aan de Hambakenweg

Grauwe Gans (Anser-anser-th)
Houtduif     Foto afkomstig van: http://vogelspot.webs.com/vogelsalfabetisch.htm
Huismus (Passer-domesticus) (mannetje)

Huismus (vrouwtje)
Kieviet(Vanellus-vanellus)
Kleine mantelmeeuw (Larus fuscus)
Koolmees in de tuin
Kraai (Corvus-corone)
Zanglijster (Turdus philomos)
Meerkoet
Merel (Turdus Merula) - mannetje

Merel - vrouwtje
Pimpelmezen nemen een badje
Blauwe Reiger bij een dreef aan Het Wielsem
Roodborst (Erithacus-rubecula)
Scholekster (Haematopus-ostralegus)
Spreeuw (Sturnus-vulgaris)
Turkse Tortel (Streptopelia-decaocto-th)
Vlaamse gaai
Waterhoen (Gallinula chloropus)
Wilde eenden bij een dreef in de Muziekinstrumentenbuurt
Winterkoning (Troglodytes-troglodytes)
IJsvogel (Alcedo-atthis-th)
Zilvermeeuw (Larus-argentatus)
Zwartkop_16-02-2010tuin
Wilde zwanen bij de dreef achter langs de ´Smaragd´
---~---

---------------------~---------------------

Deze website is opgezet door een aantal actieve leden van ICT Club de Hambaken. Gaat uw interesse uit naar het helpen bij een taak binnen deze club en u bent woonachtig in de Hambaken, neem dan gerust eens contact met ons op.   Lees verder >>>

Laatst bijgewerkt
 op: 17-02-2012 14:50:25

     

---~---     Copyright 2008   ICT Club de Hambaken     ---~---